1. Home
  2. Docs
  3. Moestuinlessen
  4. Moestuinlessen 2026
  5. Moestuinles 26 week 35

Moestuinles 26 week 35

Wat is er afgelopen week gebeurd

Afgelopen week hebben we een nieuw kruidenbed en een raapjesmix gezaaid. De regen van de afgelopen tijd heeft de tuinen zichtbaar goed gedaan: de gewassen staan er vitaal bij, zijn mooi frisgroen en groeien flink. Ook onze jonge aanplant heeft de regen goed benut en is duidelijk aangeslagen. De groenlof, paksoi, koolrabi en kropsla hebben zich in korte tijd goed ontwikkeld. Bij de paksoi zien we in deze fase regelmatig kleine gaatjes in het blad. De veroorzaker is de aardvlo, een klein kevertje dat we regelmatig in de moestuin tegenkomen. Vooral jonge koolgewassen zijn aantrekkelijk voor dit beestje. Hoewel de gaatjes er opvallend uit kunnen zien, kunnen gezonde planten vaak prima doorgroeien. Omdat de aardvlo een vaste, maar enigszins mysterieuze bezoeker in onze tuinen is, besteden we er deze week extra aandacht aan in de moestuinles. We kijken naar hoe je de aardvlo kunt herkennen, wat hij doet en welke manieren er zijn om schade aan jonge planten te beperken. Ondertussen houden we op alle tuinen de maïs goed in de gaten. Het juiste oogstmoment is belangrijk: te vroeg geoogste kolven zijn nog niet volledig ontwikkeld, terwijl de kwaliteit bij te laat oogsten snel achteruit kan gaan. We wachten dus geduldig af tot de kolven precies op het goede moment zijn.

De regen brengt helaas niet alleen groei met zich mee. Vochtige omstandigheden geven ook schimmels meer kans om zich te verspreiden. Op enkele tuinen is bij de tomaten inmiddels de eerste aantasting door phytophthora, oftewel de aardappel- en tomatenziekte, gesignaleerd. We houden de planten daarom extra goed in de gaten en proberen verdere verspreiding zoveel mogelijk te beperken. Gelukkig hebben we al een mooie hoeveelheid tomaten kunnen oogsten voordat de ziekte zich liet zien. Al met al is het een groeizame week geweest: de jonge planten slaan goed aan, nieuwe zaaisels komen op gang en de oogst gaat door. Tegelijkertijd vraagt deze vochtige periode om extra aandacht voor ziekten en plagen. De moestuin blijft daarmee een mooie balans tussen meebewegen met het weer, goed observeren en op het juiste moment handelen.

Wat gaan we deze week doen

Mocht er alweer een aardappelbed helemaal leeg zijn dan kan dit bed weer in een mooi zaaibed gemaakt worden om daar vervolgens half om half spinazie en veldsla in te zaaien. De radijs staat gepland na het tweede kruidenbed maar waarschijnlijk zal er een ander bed voor gezocht moeten worden. Voor de rest komen de andere nog geplande teelten ook allemaal op de aardappelbedden te staan. Als er dus nog lege bedden zijn die niet de aardappelbedden zijn kunnen die in overleg met de tuinder nog worden ingezaaid met zaad dat over is of een groenbemester.  Zo blijft de grond bedekt en actief, en voorkomen we dat lege bedden onnodig lang braak blijven liggen.

Week 35 Wat
Zaaien spinazie, veldsla, radijs
Oogsten snijbiet, selderij, kropsla, venkel, wortels, stengelui, prei, kikkererwten, sojabonen, snijbonen, pronkbonen, sperziebonen, maïs, tomaten, courgette, aubergine, paprika, komkommer, pepers, bladkolen (onderste bladeren), aardappelen, aardbeien, div. kruiden en bloemen
Oogsten van kikkererwten en sojabonen

Ook op het gebied van de oogst is er de komende tijd weer genoeg te doen. Op de meeste tuinen zijn de kikkererwten en sojabonen inmiddels klaar, of bijna klaar, om geoogst te worden. Kikkererwten oogst je wanneer de peulen droog en hard zijn en de plant duidelijk begint af te sterven. Trek de hele plant voorzichtig uit de grond en laat deze eventueel nog verder nadrogen op een droge, goed geventileerde plek. Wanneer de plant goed droog is, kun je de kikkererwten uit de peulen halen. Ook sojabonen zijn voor de oogst als droge boon klaar wanneer de peulen goed gevuld en grotendeels droog zijn. Oogst ze voordat de peulen vanzelf openspringen, zodat je geen bonen verliest. Laat de geoogste bonen vervolgens goed nadrogen en bewaar alleen bonen die volledig droog zijn. Bij sojabonen is er wel een belangrijk verschil in het oogstmoment, afhankelijk van hoe je ze wilt gebruiken. Wil je ze vers eten als edamame, dan oogst je ze veel eerder: wanneer de peulen nog groen zijn en de boontjes binnenin mooi gevuld zijn. Zo krijg je de jonge, sappige sojabonen die je bijvoorbeeld kort kunt koken of stomen.

Phytophthora in de tomaten

De regen van voorgaande week is heerlijk voor de tuin, maar tomaten zijn er minder blij mee. Vooral phythofthora, ook wel de tomatenplaag genoemd, krijgt onder deze omstandigheden alle kansen. Phytophthora is een schimmelachtige ziekteverwekker die zich snel verspreidt bij warm en nat weer. Je herkent hem aan bruine of zwarte vlekken op bladeren en stengels. Ook tomaten zelf kunnen bruine, harde plekken krijgen. In de volle grond hebben we weinig invloed op hoeveel regen er valt. Nat blad, opspattend water en een dicht gewas zorgen ervoor dat de ziekte zich gemakkelijk verspreidt. Soms kan een plant in korte tijd volledig instorten.

Kijk eens goed naar je tomatenplanten:
Waar begint de aantasting? Welke planten blijven langer gezond? En zie je verschil tussen planten die veel wind krijgen en planten die beschut staan? Het kan betekenen dat we dit jaar minder tomaten oogsten dan gehoopt. Maar ook dat hoort bij moestuinieren: we telen niet alleen planten, we leren ook kijken naar wat weer, bodem en ziekten met onze gewassen doen. Een minder tomatenjaar is dus óók een leerzaam moestuinjaar.

De aardvlo

De aardvlo knaagt graag aan onze koolplantjes zoals eerder genoemd, bijvoorbeeld in onze paksoi. Maar wat voor iets is dit hongerige insect eigenlijk? De aardvlo (Phyllotreta spp.) is een erg klein bladkevertje dat er bekend om staat een voorkeur voor brassica gewassen te hebben, een belangrijke groep gewassen in onze moestuin. Boerenkool, radijs, broccoli en raapjes behoren tot deze groep om er maar een paar op te noemen. De gaten die in de bladeren van de planten gegeten worden zijn erg klein, dit komt doordat de aardvlo zelf maar 2 tot 4 millimeter lang is en dat is ook gelijk de reden dat we de aardvlo zelf bijna nooit zien in de tuin. De aardvlo is dus geen vlo maar een bladkever. Hij wordt een vlo genoemd omdat hij zoals een echte vlo erg hoog kan springen en zo aan de bladeren kan komen om hier aan te knabbelen. Ondanks de schade er soms heftig uitziet groeit de plant hier zo goed als altijd overheen. 

Zo voorkom je de meeste schade:

  • Zorg voor genoeg humus in de grond. Compost is daarvoor het beste middel.
  • Mulch met laagjes grasmaaisel, bladeren of compost tussen de rijen.
  • Broes regelmatig (natmaken): zo houd je het gewas en de bodem vochtig.