1. Home
  2. Docs
  3. Moestuinlessen
  4. Moestuinlessen 2026
  5. Moestuinles 28 week 37

Moestuinles 28 week 37

Wat is er afgelopen week gebeurd

We zijn druk in de weer geweest, de lege bedden zijn opgevuld en alle gewassen hebben de nodige verzorging gekregen. Onze jonge aanplant en zaailingen kregen dit keer extra aandacht. Afgelopen week is er winterkers en winterpostelein bijgekomen, twee heerlijke winterharde bladgroenten die we in de koude maanden vers uit de tuin kunt oogsten. Daarnaast waren er heel veel snij- en pronkbonen om te plukken,  Je plukt deze bonen wanneer ze nog jong, plat en soepel zijn, en voordat de zaden in de peul te dik worden. Ook zijn de eerste pompoenen van het land gehaald! Het viel ons op dat de tuinen steeds herfstiger aandoen. Er is nu ook steeds een groter onderscheid te zien tussen de gewassen zoals boerenkool, pompoen en pastinaak die er nog erg goed bij staan en bijvoorbeeld de tomaten, courgette en komkommers die, afhankelijk van waar je tuiniert, deze maand een laatste oogst geven. 

Pompoenen oogsten: wanneer zijn ze klaar?
Op de meeste tuinen zijn de eerste pompoenen oogstrijp. Een pompoen is klaar om te oogsten wanneer de schil hard en mooi op kleur is en de steel begint te verhouten. Vaak zie je ook dat het blad en de plant langzaam afsterven.

Handige oogsttips:

  • Oogst bij droog weer, liefst op een zonnige dag.
  • Snijd de pompoen met een scherp mes of een snoeischaar los en laat een stukje steel zitten, zo blijft hij langer goed.
  • Ga voorzichtig te werk: beschadigingen kunnen ervoor zorgen dat de pompoen minder lang houdbaar is.
  • Laat de pompoenen na de oogst nog enkele dagen op een warme, droge plek liggen. Zo kan de schil verder afharden.
  • Bewaar ze daarna op een koele, droge en vorstvrije plek.

Wat gaan we deze week doen

Deze week gaan we de laatste eetbare gewassen zaaien, raapsteel en rucola. Het is geen toeval dat dit ook de eerste gewassen zijn die we in maart hebben hebben gezaaid. Beide gewassen zijn zeer robuust en kunnen goed tegen kou, waardoor ze perfect zijn voor vroege voorjaarsteelt of late herfstteelt. Afgelopen week hebben we te maken gehad met meer wisselvalligheid maar ook nog heerlijk kunnen genieten van zomerse temperaturen. Al zijn de nachten wel steeds frisser aankomende week gaan de temperaturen weer wat omhoog en wordt het ook droger. Dat betekent mogelijk dat we onze zaailingen extra moeten gaan bewateren. Zaailingen zijn heel fragiel en kunnen elke hulp gebruiken zodat wij nog een mooie najaarsoogst kunnen verzamelen.

Vanaf volgende week gaan beginnen met het inzaaien van de groenbemesters winterrogge en wikke. Eventueel kunnen hier al bedden voor worden klaargemaakt. Groenbemesters zijn planten die gezaaid worden als er geen gewassen meer in de tuin zijn. De groenbemesters hebben als functie om stikstof te binden in de bodem zoals je hieronder kan lezen. Maar ook om met hun wortels allerlei nutriënten vast te houden zodat deze niet uitspoelen tijdens de winter. Ook maken de groenbemesters de grond los met hun wortels zodat storende lagen opengebroken worden en we het jaar daarop een nog vruchtbaardere moestuin hebben.

Week 37 Wat
Zaaien raapsteel, rucola, pluksla (w36)
Oogsten snijbiet, selderij, kropsla, venkel, wortels, stengelui, prei, snijbonen, pronkbonen, sperziebonen, pompoen, tomaten, courgette, aubergine, paprika, komkommer, pepers, bladkolen (onderste bladeren), aardbeien, div. kruiden en bloemen

In de kennisbank bij plantinformatie vind je uitgebreide informatie over de groenten die we dit jaar telen.

Vlinderbloemigen en stikstofbinders

We hebben in de tuin een aantal vlinderbloemigen staan, dit zijn eigenlijk alle soorten peultjes, boontjes en tuinbonen die we eten maar ook de wikke die we gaan zaaien als groenbemester. Deze planten hebben de bijzondere eigenschap dat ze in wortelstelsels bolletjes maken waar stikstofbindende bacteriën rhizobium bacteriën genaamd in kunnen wonen. Deze bacteriën kunnen stikstof uit de lucht halen en direct aan de plant geven. Als deze planten met hun wortels al genoeg stikstof kunnen krijgen door bijvoorbeeld mest in het bed, dan slaan ze de samenwerking met de bacteriën over. De bacteriën leveren hun diensten namelijk niet gratis, ze vragen er suiker voor van de plant. Niet alleen peulgewassen uit de vlinderbloemige familie kunnen dit, ook sommige bomen en wilde planten kunnen dit. Zo zie je vaak brem op zandgronden die daar van nature dicht bij bomen groeien waar ze dezelfde functie vervullen. Ook zijn er bomen zoals de zwarte els die met de rhizobium bacteriën samenwerken.

Meeldauw 

Meeldauw, we zien het soms voorbijkomen in de tuin. Courgettes hebben er vaak last van maar meeldauw beperkt zich niet tot groentes, alleen ook bomen, sierplanten en granen kunnen er last van hebben. Meeldauw is een schimmel en zoals de meeste andere schimmels gedijen ze goed in vochtige en warme omstandigheden. Kenmerkend voor meeldauw is de witte, poeder of meelachtige substantie die zich aan de bovenkant van de bladeren vormt. Omdat het zich snel over een blad verspreidt kan het het proces van fotosynthese van de plant verstoren. Bladeren waar veel meeldauw op zit snoeien we vaak weg zodat de meeldauw zich niet verder kan verspreiden naar andere omringende planten. Als je thuis last hebt van meeldauw zijn er een paar goede huismiddeltjes zoals het spuiten van verdunde melk of appelciderazijn op de bladeren. Dit zal de plant niet schaden maar de omstandigheden voor de schimmel minder maken waardoor het uiteindelijk minder zal worden. 

Meeldauw op courgette