1. Home
  2. Docs
  3. Moestuinlessen
  4. Moestuinlessen 2026
  5. Moestuinles 3 week 12

Moestuinles 3 week 12

Wat er afgelopen week is gebeurd

We zijn verder gegaan met het voorbereiden van de bedden en hebben drie nieuwe bedden mogen zaaien! Het was best wel een priegelwerk om al die kleine zaadjes gelijkmatig in de rijen te zaaien. Dat ging jullie goed af en over een paar weken kunnen we het resultaat zien. Omdat er regen was voorspeld hoefden we de ingezaaide bedden niet te bewateren. Om de opkomende plantjes te beschermen hebben we er tunnels van doek overheen gezet (of gelegd) zodat ze net wat meer tegen het weer beschermd worden. Daarnaast zorgt het doek er ook voor dat hongerige vogels niet meteen onze jonge plantjes uit de grond trekken en opeten. Het ziet er nog niet zo gezellig uit, maar later hebben we hier alleen maar profijt van.

Wat gaan we deze week doen

Deze week gaan we verder met het voorbereiden van de bedden zoals we dat de afgelopen weken ook hebben gedaan. Daarnaast gaan we weer verder met zaaien, en deze week ook het poten van rode en gele uien en wat vroeger dan gepland onze aardappelen. Poten is een vorm van aanplanten, vaak specifiek gebruikt voor gewassen die uit een knol of bol groeien. Uien poten doe je het best in het voorjaar (maart-april) in een luchtige, zonnige bodem. houd een afstand van 10 cm tussen de uitjes aan en 15 tot 20 cm tussen de rijen. Druk de pootuitjes in de grond met het puntje naar boven. Het puntje mag net boven de grond uitsteken of iets dieper (tot 5 cm diep). Over het poten van aardappelen lees je verderop in de les.

Omdat de plantleveringen van Jongerius iets later opgang komen dan verwacht gaan we de aankomende weken iets schuiven met de planning en ook een aantal groenten en kruiden zaaien in plaats van plantgoed. We zullen dit per week aangeven, in week 14 komen de eerste plantjes en vanaf week 16 loopt alles weer volgens de teeltplanning.

Met dat er nu zaden aan het ontkiemen zijn, en er de komende weken steeds meer plantjes uit de grond komen, moeten we er op gaan letten of ze wel genoeg water krijgen. De afgelopen periode is wisselvallig geweest, zonnige dagen werden afgewisseld met regenachtige grijze dagen. Deze week is het heerlijk zonnig en de lente is begonnen; warmer, droger, zonniger weer ligt in het verschiet. Ter voorbereiding hierop kan je in de reader alvast lezen over waterstress en watergeven.

Week 12 Wat
Planten
Zaaien tuinbonen
Poten pootui rood en geel, aardappel 3 soorten

In de kennisbank bij plantinformatie vind je uitgebreide informatie over de groenten die we dit jaar telen.

Aardappels

Dit jaar hebben we weer drie mooie soorten aardappel uitgekozen om te telen, namelijk de Twister, de Oscar en de Alouette. We hebben bij het uitzoeken van deze aardappelsoorten niet alleen gekeken naar de goede smaak maar ook naar de resistenties van de aardappelen. Dit houdt in hoe goed ze beschermd zijn tegen ziektes zoals de gevreesde aardappelziekte. Aardappels heb je er in allerlei soorten vroege, late, middenvroege, middenlate, etc. Die verwijzingen betekenen hoe laat ze oogstbaar zijn en hoeveel groeidagen ze hebben.

  • De Twister is een vrij vroeg ras en is rond ovaal van vorm. Het is een lekkere vastkokende aardappel met een gele vleeskleur. Deze aardappel is heel sterk tegen de aardappelziekte Phythofthora in het loof en in de knol. De Twister is ook geschikt voor het maken van verse friet. Let op; voldoende bemesten en bij droogte beregenen.
  • De Oscar is een middenvroege, rond ovale aardappel. De opbrengst en smaak is goed. Oscar heeft zich de laatste jaren echt bewezen om zijn sterke phythofthora resistentie. Is geel vlezig en iets kruimig in de kook. Een mooie aanvulling tussen de nieuwe robuuste rassen.
  • De Alouette is een middenlaat, roodschillig ras met een hoge opbrengst. Alouette is ook sterk tegen phythofthora. Het is een aardappel die redelijk vast in de kook is, meer cremé, met een diep gele vleeskleur. De Alouette is prima geschikt om te koken en te bakken en heerlijk voor de stamppot. De aardappelen groeien grof en hebben een gelijkmatige vorm. Hij kan zowel goed op zand als op kleigrond geteeld worden.

Aardappels plant je niet maar die poot je. Wat betekent in het geval van de aardappel dat je een klein aardappeltje in de grond stopt waar een plantje uitkomt en dat plantje gaat dan weer heel veel andere aardappels maken die wij vervolgens gaan opgraven en opeten! Aardappels houden van losse grond met veel lucht erin. Het poten van de aardappels doe je het beste in rijen. Om een mooie rechte lijn aan te houden gebruiken we altijd een richtlijn die we spannen over het bed. Aan de hand van deze richtlijn kunnen we dan kuiltjes graven van ongeveer 7 tot 10 centimeter diep waar we de pootaardappels in doen. Soms moet je de aardappels ‘aanaarden’ dit betekent simpelweg dat je er weer wat aarde of compost op moet doen zodat de aardappels goed onder de grond blijven. Als de aardappels namelijk boven de grond komen en te lang in de zon liggen worden ze groen door solanine, een giftig stofje.

Zorg voor de grond

Een moestuin met een gezonde grond is een moestuin waar je, als het goed is, mooi van kunt oogsten. Maar hoe zorg je nu dat de grond in de moestuin gezond is. Een belangrijke stelregel daarbij is dat je weer net zoveel voeding in de bodem brengt als dat je eruit trekt met jouw gewassen. Het is dus belangrijk te zorgen dat er altijd genoeg organisch materiaal in de grond is. Een mooie manier daarvoor is compost aanbrengen. Die compost kun je over het jaar ook zelf creëren door de groenresten van de planten te laten composteren. Zo blijft de cirkel rond op de tuin. De planten onttrekken voedingsstoffen aan de bodem en geven dit later als compost weer terug.

Een andere manier om ook voor de grond te zorgen is door deze zoveel mogelijk bedekt te houden. Aan het begin van het seizoen begin je met een kale tuin. Dit is helemaal geen natuurlijke staat van de grond. De natuur streeft er altijd naar de grond zoveel mogelijk bedekt te hebben. Denk aan mossen en bodembedekkers. In een bos zie je onder de bomen ook altijd allerlei soorten grondbedekking, en maar zelden grote vlakken kale aarde. Om goed voor de bodem te zorgen is het dus fijn deze af te dekken, wij doen dat met afdekzeil. Het duurt immers even voordat je al je planten gezaaid hebt. Het zeil laat je liggen op de bedden die je nog niet gebruikt. Zodra je gaat planten haal je het eraf. Het zeil zorgt ervoor dat de grond niet uitdroogt doordat het water tegen het zeil condenseert en weer terug de grond in druppelt. Daarnaast zorgt het zeil ervoor dat de aarde niet wegspoelt bij een flinke regenbui. Een mooie bijkomstigheid is dat er ook geen ongewenste plantjes kunnen opkomen. Dat scheelt weer in het wieden.

Voor nog wat meer toelichting op bodembeheer verwijzen we je graag naar onderstaande hoofdstukken in de reader.

1.5 Bodembeheer

1.6 Bodemverzorging

Extra informatie

Om meer te leren over aanverwante thema’s dan vind je hieronder nog een aantal filmpjes met extra informatie.

Voor een korte toelichting op het maken van een teeltplan in gezellig Vlaams (duur 3 min).

En voor als je meer wilt weten over de wondere wereld van micro organismen in de bodem. Engels (duur 4:30 min).